Voeraanpak en werkwijze maken het verschil

Het VIDA-team heeft de focus op biggen, dat heeft Jan Willem Jaspers gemerkt. VIDA-teamlid Haico Wiggers pakte een te hoge uitval na het spenen voortvarend aan. En met succes. Het is volgens de varkenshouder niet alleen de voeraanpak maar ook het werken volgens protocol rondom het voeren dat het verschil maakt.

Begin dit jaar hoorde Jan Willem Jaspers voor het eerst van het nieuwe VIDA-team waarmee ForFarmers de biggenopfok naar een hoger niveau wil tillen. De varkenshouder uit Boven-Leeuwen kreeg toen bezoek van Haico Wiggers, biggenspecialist en lid van het VIDA-team. Jaspers kampte al enige tijd met wat opstartproblemen na het spenen. “Na vier, vijf dagen gingen te veel biggen dood als gevolg van een coli-infectie”, vertelt Jaspers. Een uitvalpercentage van 3% vond hij veel te hoog én onnodig, gezien de goede omstandigheden in de relatief nieuwe stallen. Wiggers had wel ideeën hoe het probleem kon worden getackeld. De varkenshouder gaf hem de kans het in de praktijk te laten zien en daagde hem uit: “Als hij het percentage uitval kon laten zakken naar 1% mocht ForFarmers de voeders voor alle biggen leveren.” Het was een uitdaging die de specialist met beide handen aangreep.

 

Geleidelijke voeropname

Haico mocht in één afdeling laten zien hoe hij het probleem aanpakte. Om een geleidelijke en meer gecontroleerde voeropname te krijgen, gooide hij de voerstrategie helemaal om. In plaats van beginnen met droogvoer en overschakelen op brij; adviseerde hij te starten met een natte prestarter en vanaf een week voor spenen verder te gaan met droog speenvoer. Deze aanpak heeft Wiggers overlegd met VIDA-teamspecialist Peter Zanders. Voor voerinhoudelijke zaken kan hij binnen het team terugvallen op nutritionist Bram van den Oever. De biggen krijgen nu van dag 3 tot dag 18 de VIDA Prestarter. Dan wordt overgeschakeld op het speenvoer uit de VIDA Maxima-lijn. Dat krijgen de biggen tot tien dagen na spenen. De overgang duurt drie dagen. Een groot verschil met voorheen is volgens Jaspers dat er wat minder druk ligt op een maximale voeropname. “De biggen vreten van het begin af aan goed door, maar we zien dat ze niet schrokken. Ik denk dat het daar eerst fout ging.”

 

Betrokken personeel

Een ander belangrijk aspect is dat het personeel in de kraamstal nauw betrokken is bij de aanpassingen. “Er is wel één iemand verantwoordelijk voor de kraamstal, maar het werk wordt niet altijd door dezelfde persoon gedaan.” Daarom is in samenspraak een protocol gemaakt voor het voeren. Ook in de beginfase is veel met de medewerkers overlegd. Dat heeft volgens de varkenshouder bijgedragen aan betrokkenheid van iedereen. “Het zit deels ingebakken in de werkwijze van het VIDA-team, maar het is ook de manier waarop Wiggers met mensen omgaat, hij weet ze mee te krijgen”, aldus Jaspers. Omgekeerd is Haico erg enthousiast over de varkenshouder en zijn medewerkers. “Ze stonden open voor aanpassingen en hebben steeds de langetermijnvisie voor ogen gehouden. Dat en de strakke uitvoering in de stal zijn de basis voor het resultaat.”

 

Focus blijft op biggen

Nu het VIDA-team de belofte van een lagere uitval heeft waargemaakt, houdt Jaspers woord. Alle biggen krijgen nu ForFarmers-voer. De begeleiding is overgegaan naar een ‘normaal’ niveau; eens per drie tot vier weken komt de specialist op bezoek. Het bevalt de varkenshouder prima. “Bij andere voorlichting wordt de gang van zaken op het hele bedrijf besproken. Nu blijft de focus op de biggen liggen.” Daardoor zitten de varkenshouder en de adviseur er bovenop. Jaspers verwacht daar zeker voordelen van.

ForFarmers Voertaal/26 augustus 2019

Contact

Vestiging Mill
Meulenveldt 32
5451 HV Mill
Tel: +31 (0)485-240000
E info@DeVarkenspraktijk.nl

Vestiging Oss
Obrechtstraat 2
5344 AT Oss
T +31 (0)412 67 60 60
E info@DeVarkenspraktijk.nl

Vestiging Someren
Slievenstraat 16
5711 PK Someren
T +31 (0)493 44 10 44
E info@DeVarkenspraktijk.nl